Stap 1 Fictief rendement berekenen
1.Spaargeld 50.000 × 1,28 % = € 640 fictief rendement
2.Vakantiewoning 300.000 × 6,00 % = € 18.000 fictief rendement
Totaal fictief rendement = € 18.640
Stap 2 Heffingsvrij vermogen toepassen
Box 3 gaat uit van het totaalvermogen:
•€ 350.000 – € 59.357 heffingsvrij =
€ 290.643 belastbaar vermogen
→ dat is de basis waarop het fictief rendement wordt toegerekend. 
Vervolgens berekent de Belastingdienst welk deel van het fictief rendement bij dat belastbare vermogen hoort:
Totaal fictief rendement: 18.640 × (290.643 ÷ 350.000) ≈ € 15.468
Dit is het deel van het fictieve rendement dat je in gewicht meetelt (het rendement boven de vrijstelling).
Stap 3 De belasting
Box 3 belasting = 36 % × € 15.468 ≈ € 5.568
In deze situatie betaal je dus ongeveer € 5.500 tot € 5.600 box 3 belasting over 2026, ondanks dat je spaargeld onder de vrijstelling zit.
Dat komt omdat je met je woning eerst het heffingsvrij vermogen “opmaakt”. Daarna blijft weinig vrijstelling over die je kunt gebruiken voor je spaargeld.
Conclusie
•De Spaanse woning telt eerst gewoon mee als vermogen in box 3.
•Daarna krijg je een voorkoming van dubbele belasting omdat Spanje over de woning belasting heft.
→ Je betaalt dus niet de volle box 3 belasting over het Spaanse huis, maar een deel blijft over dat je in Nederland nog moet betalen.
•Praktisch betekent dit dat je echt belasting betaalt over je spaargeld, ook al ligt dat onder de vrijstelling.
✔️ Je betaalt dus niet alleen belasting over het deel boven de vrijstelling afzonderlijk, maar over je totale rendement op je vermogen nadat de vrijstelling in het totaal is verwerkt. 
✔️ De 36 % tarief en fictieve percentages blijven tot 2028 zo, tenzij je kiest voor berekening op werkelijke rendementen.